woensdag 25 mei 2016

Het leed dat discontinued heet

In tegenstelling tot wat mensen, voornamelijk door mijn kleurrijke voorkomen en het feit dat mijn leven niet altijd de gebaande paden volgt, denken, ben ik eigenlijk heel saai en behoudend. Ik wil niets liever dan een rustig, stabiel en regelmatig leven met een duidelijke richting. Dat dat me in de afgelopen 40 jaar nooit duurzaam gelukt is, vind ik dan ook Kwalitatief Uitermate Teleurstellend.

In een poging grip te houden op de dingen waar ik wél grip op kan krijgen, grijp ik elke mogelijkheid tot het creëren van een ritueel aan: zo gebruik ik al 20 jaar dezelfde soort deo. Ja, merk, geur en (vaste) vorm. Als ik eenmaal een product gevonden heb dat goed bevalt, dan koop ik gewoon telkens weer een nieuwe. Dit doe ik niet alleen met eten en kleding, maar ook met verzorgingsprodukten en make up. Weten dat als deze NYX Blush in Taupe of Hourglass Ambient Lighting Powder in Diffused Light op is, ik er nog 2 in de kast heb liggen geeft rust.

En dan wordt zo’n produkt gediscontinued en word ik GEK.

Zo MOEST ik toen ik vorig jaar in Londen een Stila-schap zag, kijken of er een Natalie lipstick tussen zat. MOEST. Die lipstick is ergens in 2003 gediscontinued. Ik weet dit, en toch was ik teleurgesteld dat ik er door mijn zoekactie niet spontaan een materialiseerde. Hetzelfde geldt voor het parfum Chloe by Karl Lagerfeld. Nee, dat is niet dat spul dat nu als Chloe in de winkels ligt, en ook niet de versie uit de jaren Nul die soms nog wel eens op Ebay verschijnt. Het gaat mij om de geur uit 1975. De geur die mij door elke parfumselectiedatabase (galgje!) als mijn PERFECTE geur wordt aangeraden. De geur die in 1997 gediscontinued is en waarvan ik mijn laatste druppel in 1999 opmaakte.

En zo zijn er meer items die ik nog steeds mis: de oorspronkelijke Asphyxia lipstick van Urban Decay. Die foundation van Bourjois, u weet wel, die ene. In dat flesje. Met die dop. Alle make up van Tony and Tina. Ook waren er limited editions waar ik nog steeds met enige regelmaat aan denk: Dior Lily, evenals Prada Fleur d’Orangier, die respectievelijk in 1999 en 2009 op de markt verschenen en van de markt verdwenen.

Limited edition”, de reclametechniek die ervoor zorgt dat je zelfs gedroogde kattenstront voor 120 euro per keutel kan verkopen, werkt daarom bij mij tegenwoordig averechts: zodra ik die tekst zie, weiger ik het product te kopen. Ik ben zelfs overgegaan op parfums van Floris omdat die sinds de prehistorie 1730 bestaan: mijn huidige parfum bestaat al sinds 1840 en er zijn geen plannen om de productie te stoppen.

Ondanks deze “voorzorgsmaatregelen” ontkom ik er toch niet aan dat producten verdwijnen: het meest recente “verlies” was de Flying Fox douchegel van Lush, ik gebruikte hem al sinds for-eh-vah (2004!) en heb deze week de laatste twee druppels uit mijn flesje geperst. In het kader van “accepteren kun je leren”, ga ik een poging doen om dat te, eh, leren accepteren. Ondertussen blijf ik dromen van de dag dat ik mijn eigen cosmeticahuis heb (lees: de zoveel miljoen win en Fyrinnae opkoop). Ik beloof plechtig dat ik dan NOOIT iets discontinue.

woensdag 18 mei 2016

Subtiel

Terwijl The Big Kahuna het buurtkrantje leest, doe ik Een Mededeling: "Ik overweeg een grote bril aan te schaffen, zoals deze." Terwijl ik "deze" zeg, zet ik een enorme nepbril op.

TBK kijkt op van haar krantje, kijkt me even strak aan, richt haar blik weer op het artikel dat ze aan het lezen was en zegt gortdroog: "Overweeg dat nog maar eens een poosje."

donderdag 12 mei 2016

Hoe het nu is

De vraag die me momenteel het meest gesteld wordt, is: "Hoe gaat het nu?" Het enige antwoord dat ik daarop kan geven, is "Naar omstandigheden goed" en dat is ook zo: cognitief heb ik nul komma nul schade, qua persoonlijkheid ben ik onveranderd ("Even irritant als altijd" - The Big Kahuna) en ook een groot deel van de fysieke klachten is zowaar bij aan het trekken: mijn hart is grotendeels hersteld (maar moet wel vervolgd worden), de nieren zijn niet beter, maar ook niet slechter en dat is in deze situatie al winst.

Ook hoop ik, nu een medicijn gestopt en een ander in dosering verlaagd is, dat ik minder last van vocht (Swamp Thing strikes again!) en vermoeidheid heb. Nooit gedacht dat ik me zou verheugen op het kunnen trekken van een sprintje naar de bus. Of, nou ja, ik verheug me op de MOGELIJKHEID van het sprinten naar de bus, want u denkt toch werkelijk niet dat ik voor de lol een stukje ga rennen? Ik ren alleen als ik dreig gearresteerd te worden. Zoals ik al zei: qua persoonlijkheid geheel onveranderd.

Wel ben ik na twee maanden gemiddeld 4 artsen/paramedici per week te hebben bezocht en eigenlijk voornamelijk de binnenkant van bus 170, 172 en 174 te hebben gezien, volledig tekstloos. Nooit gedacht dat het kon, maar ik ben zo'n saai iemand geworden die niks te melden heeft: al mijn verhalen beginnen nu met "In het ziekenhuis/toen ik naar het ziekenhuis ging/toen ik uit het ziekenhuis kwam". Laten we hopen dat het nu mijn bezoekjes significant minder frequent worden (ik heb de komende 7 dagen zowaar geen artsenafspraak gepland staan!), dit gebrek aan tekst ook afneemt, want Gewoon Nee.

Dit gebrek aan tekst en, even heel eerlijk, het uiteindelijk toch binnenkomen (dat duurt bij mij altijd even) van het te verwachten realiseer/besef-moment met betrekking tot alles wat ik sinds 2 maart heb meegemaakt, hebben tot deze impromptu blogpauze geleid. Ter compensatie volgt er volgende week een Kahuna Convo!

woensdag 20 april 2016

Een muzikaal intermezzo terwijl ik een harde noot kraak

En terwijl ik me door weer eens een versie van mijn scriptieproposal worstel, mag u luisteren naar het nummer dat al 3 dagen in mijn hoofd zit:



Mocht u zin hebben om uw thie-o-rie over het hoe en waarom van dit vastzitten in mijn hoofd te willen delen, dan kan dat uiteraard, zo niet, dan wens ik u veel succes met het meezingen! *jengelt "Dèèèèèèèèèèèèèèrsjieeeeeeeeeeeeegooooooooooooooohs!" terwijl ze een poging doet het concept "evidentiality" te begrijpen*

woensdag 13 april 2016

Never a chill moment - deel 2

Zoals u weet, is een van mijn queestes in het leven andermenselijk gedrag te begrijpen.
In deze post (dat is een link) vroeg ik me af hoe het toch kwam dat ik, die nooit eerder last gehad had van ongewenste, agressiefmakende mannelijke aandacht, plots last kreeg van dit fenomeen.

We zijn nu bijna 6 jaar verder en ik ben eruit hoor, mensen: deze types azen op zwakte. Ik krijg dit soort “aandacht” namelijk alleen maar op de momenten dat ik half jankend, kotsberoerd, niet geslapen, Swamp Thing overal, wallen tot aan mijn kin, pruik wat scheef, in mijn eentje naar de grond starend wat wankelend over straat schuifel.

Het gebeurt nooit, maar dan ook echt NOOIT, op de momenten dat ik met de fierceness van een duizend Beyonce’s s over straat banjer, lace front wapperend in de wind. En, oh hoe tragisch voorspelbaar, het gebeurt ook nooit als er toevallig (iemand die ingeschat wordt als) een man naast me loopt.

Want in tegenstelling tot wat sommige mensen maar hardnekkig willen blijven geloven, gaat het in deze gevallen niet om flirten, of iemand die denkt “Hey, wat een leuke mevrouw, daar ga ik even gezellig een praatje mee maken!” Het gaat heel sec niet eens om mij. Wat dit soort malloten zoeken is iemand die zwak is of in ieder geval zwakte uitstraalt, iemand die ze kunnen intimideren en domineren. Plots veel te dicht in mijn persoonlijke ruimte komen en luid iets roepen: intimidatie. Van een afstandje iets lomps roepen/sissen/vunzige gebaren maken: intimidatie. “Wie is er dood?/Kijk niet zo boos!” zeggen in het voorbijgaan: dominantie. Me de weg proberen te versperren: intimidatie én dominantie. Niks geen “flirten”.

Ik vind het dan ook enorm verontrustend dat er nog steeds mensen zijn, waaronder gek genoeg ook veel vrouwen, die van mening zijn dat je dit soort kotsverwekkend gedrag als “een compliment” op moet vatten. Dit gedrag wordt dan vaak “verklaard” door onzinflauwekulbagger als “zo zijn jongens nu eenmaal: meisjes plagen, kusjes vragen” en “het hoort er nou eenmaal bij”. Ik durf te wedden dat als we collectief vanaf de peuterspeelzaal zouden zeggen “meisjes plagen, stoot voor je bakkes krijgen” en dit ook daadwerkelijk zouden naleven, “jongens” al heel snel niet meer “nu eenmaal zo” zouden zijn.

Bovendien is deze flauwekul ook aantoonbaar onjuist: het merendeel van de jongens/mannen ziet vrouwen namelijk gewoon als medemensen en niet als wandelende kliko's waar ze hun frustraties in kunnen dumpen. Blijven volhouden dat het “er nou eenmaal bijhoort” als je als vrouw (ingeschatte) in deze maatschappij vrij rondloopt, is ontzettend toxisch. Echt mensen, KAP daarmee, want het maakt je medeplichtig aan het creëren van een klimaat waarin het misschien niet “normaal” is, maar wel geaccepteerd wordt, waardoor het gefaciliteerd wordt.

En toch heb, zoals altijd, ieder nadeel zijn voordeel. Ja, zelfs in deze situatie. Ik kan namelijk, zonder enig fatsoen en/of schuldgevoel al MIJN frustratie over eh, alles (en dat is een boel) op deze hufters botvieren door woest-agressief tegen ze te zijn. Echt, u zou eens moeten zien hoe snel ik dan van een “Heeeeeyyy, pretty lady” in een “fuck you too, you fucking ugly bitch” verander. Overigens heb ik na zo’n onderonsje meestal ook weer genoeg fierceness opgeladen om weer een poosje verschoond te blijven van dit gezeik. Diep vanuit mijn tenen hoop ik dat als ik dit maar stug vol blijf houden, er uiteindelijk geen hufter meer overblijft die mij op dergelijke wijze durft lastig te vallen. Ik kan niet wachten. *grijnst vervaarlijk*

woensdag 6 april 2016

Holadijee, j'ai gagné un pot de cactées! :-D

Al sinds een poosje volg ik het blog (ja, ik ben nog van de "het blog" generatie) Flora in the Garden, waar Anne-Fleur over haar leven schrijft. Ooit schreef ik ergens (lees: ik ben te lui om te zoeken) in een blogpost over dat er mensen zijn die het talent hebben om zelfs de meest dagelijkse dingen boeiend te vertellen. Dit is een bijzonder talent en Anne-Fleur bezit het. Ik vermoed dat dat ook iets te maken heeft met het feit dat ze singer-songwriter is. Of omgekeerd natuurlijk. *raakt ietwat in de war en mompelt: "Er is ergens een verband!"*

Recentelijk verjaarde zij en ze besloot een verloting te organiseren. Iedereen die langer dan 30 seconden op het internet vertoeft, weet dat winacties en verlotingen vaak leedconcurrentietypes aantrekken, waardoor ik me er normaal gesproken verre van houd. Haar diskwalificatieregels waren echter dusdanig briljant dat ik dacht: ik doe mee.

EN TOEN WON IK!!! *rent schuifelt heen en weer met de handen zwaaiend boven het hoofd*

Vorige week woensdagavond laat leverde de sikkeneurige postbode dan ook een leutig pakje af:

Breekbaar. Doch leutig. Want tape.

Zie? Tape! En poezen! En een refurbished doos! #reuse #reduce #recycle

Na het openmaken vond ik een heuse brief!

En een custom made poezenopschrijfboekje!!

En een brief met een heuse handleiding en dat hartje heb ik er zelf op gePicMonkey'd omdat daar mijn IRL naam stond en ik nog de schijn wil ophouden 
min of meer anoniem te zijn!!!

Poezenmagneetjes! En waar het allemaal om draaide: het door Anne-Fleur zelfgemaakte potje!

Na het volgen van de instructies (en met wat assistance van The Big Kahuna, zowel met het planten als met de foto's maken) was dit het resultaat:

Twee cacté, waarvan één in het poezenpotje, en twee heuse kattenmagneetjes!

De beslissing ze in twee potjes te planten, werd overigens niet licht genomen:

TBK, die over dit soort dingen nadenkt: "Ik zou ze in twee verschillende potjes doen, want je kunt ze later als ze volgroeid zijn natuurlijk niet verpotten."

LP, dom: "Waarom niet?"

TBK, die 38 jaar docent is geweest en niet van dergelijke stupiditeit opkijkt: "Omdat het cactussen zijn? Je weet wel, stekels?"

LP, irritant als altijd: "Bwaahahaha! Ik ben dom!" *maakt flauwe grap over het hebben van een herseninfarct, omdat stomme grappen maken ook een manier van ellende verwerken is*

TBK, onverstoorbaar: "Nah, je bent altijd al zo geweest. Niet dom, gewoon een disharmonisch profiel."

LP, plots weer serieus: "Maar eh... worden ze dan niet eenzaam? Als ze in verschillende potjes zitten?"

TBK, altijd praktisch: "Dan zet je ze naast elkaar."

LP, altijd twijfelend: "Is dat wel dichtbij genoeg?"

TBK, geruststellend: "Ja hoor."

En zoals u kunt zien, heeft TBK altijd gelijk.

woensdag 23 maart 2016

Avonturen in een bejaardenflat – Alles voor de veiligheid (The Big Kahuna gastpost, deel 3/3)

Door omstandigheden een weekje later dan gepland, maar desondanks niet minder poink-waardig: het derde en laatste deel van The Big Kahuna's gastblogtrilogie! Deel 1 staat hier, deel 2 hier.



““Naar het balkon? Hoezo?” vraagt de brandweerman verbijsterd. Een bewoonster geeft antwoord: “Ja, bij brand moeten we naar het balkon. Dat is ons een paar jaar geleden aangeraden door een collega van u. Hij zei letterlijk: Ga bij brand rustig naar uw balkon, dan haalt de brandweer u eraf.”

Deze brandweerman vindt dat niet zo'n goed idee: de enige hoogwerker van de plaatselijke brandweer is maar 32 meter hoog, hij weet niet of dat hoog genoeg is. Bovendien kan de hoogwerker elders in gebruik zijn, zoals twee weken geleden bijvoorbeeld bij een molenbrand. En dan sta je als een fakkel op je balkon te branden. De zaal reageert rumoerig en onthutst: “Maar wat moeten we dan doen, als er brand uitbreekt midden in de nacht? “

Nu wordt de brandweerman enthousiast: “De nieuwe voorschriften zijn als volgt: red jezelf, vermijd rookinname door je appartement uit te kruipen richting trap want die is brandveilig, loop naar beneden en ga op de verzamelplek staan. Ga niet met de lift. Graag even oefenen in het donker door af en toe de ogen dicht te doen, want de verlichting gaat ook uit bij brand.”

De zaal is duidelijk geschokt door het antwoord. Het is even stil. Dan reageert een bozige mevrouw fel: “Maar hoe kom je van de 8e verdieping naar beneden via de trap als je niet kunt lopen?” Naast mij zegt een mevrouw zachtjes maar goed hoorbaar voor onze rij: "Dan moet je ook maar niet op de 8e verdieping gaan wonen als je niet kunt lopen." Enkele mensen gniffelen, de bozige mevrouw heeft hier kennelijk een reputatie, maar eigenlijk heeft ze wel een punt. Bovendien kon ze vast nog goed lopen toen ze hierheen verhuisde. Haar vraag wordt verder genegeerd.

In plaats daarvan beschrijft de brandweerman met volkomen misplaatst enthousiasme nog eens plastisch hoe de balkonramen bij een brand in stukken uiteen barsten en hoe het vuur dan naar het balkon overslaat. Kruipen naar de trap is echt de enige uitweg om het er levend van af te brengen, volgens hem. De zaal wordt steeds rumoeriger. Dan schiet hem iets geruststellends te binnen: “Er zijn overigens twee brandwerende deuren per verdieping. Als je in het niet-brandende gedeelte gaat staan, ben je relatief veilig. Dat is dus het redelijke alternatief voor het balkon.” De zaal wordt iets rustiger.

Een bewoner probeert de rust geheel te herstellen en zegt dat er ook brandblusdekens aanwezig zijn op elke verdieping.  De brandweerman vat de hint duidelijk niet en vraagt: “Maar zijn het wel exemplaren die tegen vet kunnen? Twee jaar geleden is namelijk ontdekt dat één merk blusdekens niet tegen vet kan en de brand alleen maar aanwakkert.” Over olie op het vuur gooien gesproken… De zaal gonst weer luid.

Uit de zaal komt een hoopvolle vraag: “Hoe snel kan de brandweer hier zijn?” De zich overduidelijk niets van de onrust aantrekkende brandweerman antwoord: “De profs, afhankelijk van het verkeer binnen negen, tien of elf minuten. Maar als de profs elders blussen moeten de vrijwilligers uit een naburig dorp komen en ja, dat duurt natuurlijk véél langer.” De plaat voor het hoofd van de brandweerman kan niet anders dan van dik (en uiteraard brandweren) materiaal gemaakt zijn. De zaal is niet meer rustig te krijgen.

Dan meldt de directrice van het pand plots met ferme stem: “Sinds afgelopen vrijdag hebben we wel twee verzamelplekken die aangegeven staan met groene borden: voor de receptie en op de parkeerplaats.” Ze loopt snel naar voren, bedankt de brandweerman voor zijn komst en werkt hem met milde dwang naar buiten.

De zaal loopt zeer langzaam leeg. Dit had niemand verwacht. De geruststellende gedachte “bij brand ga je naar het balkon” is vanmiddag volledig in rook opgegaan. In de lift naar boven besluit ik voortaan nóg vaker de trap naar beneden te nemen, en daarbij zoals geadviseerd af en toe mijn ogen dicht te doen. Alles voor de veiligheid, natuurlijk."

Blog Design by Get Polished